Terug

 

 

 

Oekraïne

Ambassade

Informatiepagina

 

 

Polen

Ambassade

Informatiepagina

 

 

 

Foto's van de reis

Als u met de muis een foto aanwijst en er verschijnt een handje, is er een vergroting of een verwijzing naar een deel van het verhaal  beschikbaar.
 

Bikerhotel In L'Viv

 

Zhovkva

 

(Alle foto's copyright

G. Bruijnes)

 

 "What do you think of our country?" vraagt Walery mij
als we naar het kleine stationnetje rijden
om iemand van de trein te halen.

"I think if you have a good job and money,
your country is a fine place to live",
zeg ik hem.

"Yes, every day we try to survive", antwoordt hij.

Deze keer kan ik niet een compleet verhaal op internet achterlaten. Het zou problemen op kunnen leveren voor sommigen. Deze keer kreeg ik vanaf de zijlijn, als toeschouwer op afstand, inzicht in witwaspraktijken van de maffia. Voor het eerst bracht ik op ´hun´ kosten ergens een aantal dagen door. Zonder dat ´zij´dat wisten overigens!
In Nederland gebeurt het ook. Alleen kan het daar wat sneller ontsporen als je jezelf er tegenaan bemoeit. Dat heb ik dus niet gedaan, alleen maar waargenomen en als je dat deel van het verhaal wilt horen, kun je me voor een kroegentocht uitnodigen. Op jouw kosten, dat dan weer wel...

Dag 1

Ik vertrek, sjees Duitsland door, u weet het: driemaal tanken en driemaal 'eine grosse Kaffee'. Ik vind een hotel in Cottbus, van een schurk die 75 euro voor de kamer vraagt en dan ook nog eens
10 euro voor een half uurtje internet. Wat een boef!

Dag 2

De volgende dag heb ik aan de ontbijttafel een leuk gesprek met een 78-jarige uit Bremerhaven die met vrienden regelmatig hier in de buurt komt vissen. Ik vind dat mooi, mensen die tot op hoge leeftijd reizen en hun ding doen. Hij is wel een mannetje want hij moet er even bij vertellen dat hij per auto is gekomen 'Ohne an zu halten!'

Dan sjees ik Polen door, het begint steeds meer op Duitsland te lijken, en scoor een leuk hotelletje ongeveer 100 kilometer voor de Oekraïense grens. Het heet 'Magnolia' en wordt gedreven door Grazyna en Andrzej. Alleen hij spreekt Duits. De Goldwing mag in een privé garage slapen.

Ik slaap lekker in afwachting van nieuwe avonturen in Oekraïne. Want dat die er komen staat vast. Waarom ik graag in Oost-Europa ben? Jelle Brandt Corstius die een aantal jaren als journalist in Rusland werkte, verwoordde het onlangs in een artikel in het Volkskrant Magazine als volgt, refererend aan het moment dat hij als 22-jarige afreisde naar Odessa:

'Ik had al best veel gereisd, maar altijd naar landen die, hoe ver ook, iets met Nederland gemeen hadden. In Oekraïne was het alsof ik op een andere planeet stapte. Het was, hoe moet ik het uitleggen, alsof ik het lijdend voorwerp was van mijn eigen leven. We belandden voordurend in situaties waarover we geen controle hadden. Het leven was van een intensiteit die ik in Nederland nooit had gevoeld. Dat je geen idee hebt wat er een minuut later gaat gebeuren. Ik vond het verslavend en spannend. Ik wist zeker: hier kom ik terug.'

Precies daarom zal ik morgen ook terugkomen in Oekraïne!

Dag 3

De grens gaat vlot, de douanier geeft zelfs toeristische informatie, zo moet ik van hem vooral het prachtige park in Uman (Умань) bezoeken. Ik wil in L'Viv (Львів) overnachten. L´Viv (Ook wel Lemberg genoemd omdat het van 1772-1918 deel uitmaakte van Oostenrijk en  Lwów omdat het van 1569-1772 deel uitmaakte van Polen. De Russische benaming van de stad is L´Vov). Ik vind hotel Dnistr en wacht op Olga. Een half uur, een uur, anderhalf uur en net als ik denk me hier maar in te schrijven, komt ze er aanhollen, enthousiast als altijd, moest eerst douchen.... vrouwen!!!

Ze brengt me onder in Biker's house - Trial. Er zijn werkplaatsen, overdekte en beveiligde stalling voor de motor en veel kamers. Eten doe je in een restaurantje aan de overkant van de straat. Er zijn al een heel stel enthousiastelingen die zich daar verzamelen om gezamenlijk een bikerfeest in Uzhgorod bij te wonen. Ik moet ook mee, maar ik heb iets anders op het programma staan en als ik dat laat zien, komt Olya meteen aanstormen: 'Who is this woman???'

Een Rus geeft me een doosje met pillen, voor in de tent als ik een rauwe keel heb van het 'meezingen' met rockbands. En dan heeft hij ook nog een ander doosje met slechts één pil, ook voor in de tent, maar de ritmische bewegingen met zijn onderlichaam maken duidelijk dat deze pil juist niet voor de keel is.

's Avonds gaan we met de bikers uit eten in een 'speciaal' restaurant annex disco waar ik, aldus Olga, kennis kan maken met de 'Flowers of L'Viv'. Maar wie zou dat willen Olya, als ik jou ken? De meeste van deze Flowers zijn heel mooi, maar hun ogen zijn leeg en dat is bij jou niet het geval!

Ik ontmoet 'Bush' die graag weed uit Nederland wil. Ik stuur hem later een paar zaadjes Spliff van De Sjop, goeie kwaliteit, gegarandeerd vrouwelijk planten maar wel bijna 7 euro per stuk! Het is allemaal gekkigheid daar, iedereen tekent in mijn notitieboekje. En sommige bikers vissen een Flower uit de disco en gaan naar een van de kamers boven. 'Knocking on heavens door' zullen we maar zeggen.
 


Links Olga en rechts Marek

Mijn portret, getekend door Olga

Dag 4

Ik heb een aangename dag met Olga. We sjouwen het hele centrum door, vinden koffie met internet op een pleintje en gaan in een ondergronds restaurant eten. Hier wordt het heldendom van het Oekraïense leger gevierd en je komt alleen maar langs de gewapende wachtpost aan de ingang als je in één teug een of ander sterk alcoholisch drankje achterover kunt slaan. Russen kunnen dat niet en die worden dan ook meteen genadeloos afgeknald.


Rechts de uitvinder van de moderne kerosinelamp.
Het
is de Pool Ignacy Łukasiewicz die in 1853 in L'viv woonde.


Leopold Ritter von Sacher-Masoch (1836 – 1895) werd geboren in L'Viv. De term 'masochisme' is van zijn naam afgeleid en je kan zijn beeld via een opening in z'n broek dan ook eens lekker bij zijn ballen grijpen...

Met enige aarzeling laat ze me haar huis zien. En ook met trots want het is haar appartement, haar plek op de wereld. Laten we zeggen dat het een iets andere kwaliteit heeft dan wat ik gewend ben. Het toilet is op de gang en ik krijg een mijnwerkerslamp mee die ik op mijn voorhoofd moet bevestigen. Er is geen licht, de lamp is gejat en het meurt dat het een lieve lust is omdat een paar 'heren' die ook op deze verdieping wonen het verrekken hun deel in schoonmaken te nemen. De buurvrouw zegt ook het schaamrood op de kaken te hebben als ze me naar buiten ziet komen. Zeker nog nooit op een motorfeest geweest...

Dan komt Olya's vriendin Miroslawa aan wippen en ik kan het meteen heel goed met haar vinden. Ze heeft dromen, een bloemenwinkel wil ze. Olga en Mira steunen elkaar. Helaas komt er een paar weken later een eind aan hun vriendschap en ergens heb ik het gevoel dat het iets mee te maken heb.

Ik neem ze mee uit eten en daarna naar mijn kamer onder de afkeurende blikken van de baboeshka's op de gang. Daarom laat ik de deur maar open. Ik zing een paar liedjes voor hen en speel op mijn Martin reisgitaar. Olya heeft de tranen in de ogen, zo'n grote mond en zo'n klein hartje! En mijn ego krijgt een kick met twee van die mooie jonge meiden die in mijn bed liggen te luisteren.

Dag 5

Vroeg op, ik houd een taxi aan die voor me uit rijdt en me de stad uit brengt. Van een vorig bezoek weet ik nog dat er heel weinig borden staan en dan is een stad met een half miljoen inwoners erg groot. Ik rijd naar Uman. Tweemaal wordt ik door de verkeerspolitie aangehouden. De eerste houdt een enorme preek. Ik houd dus ook een enorme preek in zuiver Nederlands. Dan is hij weer aan de beurt en het laatste woord is 'protocol'. Een bon. Ik begin opnieuw en zijn collega maakt een wegwerpgebaar naar zijn collega, zo van 'man zeur niet zo!' Ok, geen protocol en dus trakteer ik ze allemaal op een Knakje, een fijn sigaartje dat in Kampen gemaakt wordt bij de Olifant. Ik zeg nog 'relax', maar hij begint te hijsen en één ding moet je niet doen, een knakje inhaleren. Zijn pet danst op z'n hoofd tijdens de hoestbui.

De tweede militsia-man die me twee uur later aanhoudt, liegt als hij me aanhoudt en dat vind ik erg. Een politieman die liegt. Ik ben tweemaal gestopt voor het stopbord, eerst voor de enorme plas water op de weg en toen voor het onoverzichtelijke kruispunt. Dus ik ben heel pissig en vertel dat ik niet zal betalen, nu niet, dan niet en nooit niet, punt! Hij kijkt naar zijn twee collega's die bij hun voertuig staan en haalt hulpeloos zijn schouders op. Wat moet hij nu met deze eigenwijze toerist? Dan komt hij dichterbij, maakt het bekende gebaar met twee vingers die over elkaar schuiven en zegt: 'Dollar for militsia?' Maar hij vangt bot, normaal zou ik hem een paar euro geven, maar door die leugens breng ik er een woest 'Njet' uit, stap op en rijd gewoon weg.

In Uman raak ik in een hotel in gesprek met een groep Amerikanen. Een gemêleerd gezelschap dat door een Oekraïner die jarenlang in de USA gewoond heeft, wordt rondgeleid door zijn land. Hij doet van verbazing een stap achteruit als ik hem vertel dat ik alleen op de motor op weg ben naar Odessa. Volgens hem is dat geen goed idee. Ik klets gezellig met een vrouw die samen met haar 82-jarige moeder deel uitmaakt van het gezelschap.

Dag 6

Het ontbijt bestaat uit aardappels met worst, kroketjes en salade, dan kan je er wel tegen natuurlijk. Ik rijd de laatste 260 kilometer naar Odessa. Ik ken Dom Pavelix nog van mijn vorige bezoek. Het is zeker driemaal zo groot geworden, dit pretpark aan de Zwarte Zee. Als bewaking lopen er een stuk of tien militsia´s rond. De eigenaar die overigens ook op een Goldwing rijdt, heeft kennelijk connecties.



In Dom Pavlovich, een strandhotel met een hoog Efteling-gehalte.
De eigenaar rijdt een Honda Goldwing. Zijn vorige Goldwing doet
dienst als 'versiering' boven de ingang.

Ik kan maar twee dagen in mijn kamer blijven en moet er dan uit want de kamer is verzegd. Er is wel een andere kamer, maar die is duurder. Het is de voorbode van een drie weken durende 'dans om de kamers'. De nieuwe kamer ligt pal boven de disco, Da's niet echt fijn. De volgende morgen beklaag ik me bij de receptie en krijg ik op de derde verdieping een mooie kamer die uitkijkt over het strand.

Helaas is er iets met de watervoorziening. Ingezeept sta ik onder de douche als er geen water meer uit de kraan komt. Uiteindelijk spoel ik me af met een fles bronwater en ben dus gedwongen het vochttekort aan te vullen met bier. Wat een straf!

Dag 7...28

Ik bezoek het clubhuis van de Oekraïense Goldwing Club. Treffencoördinator Olga ontvangt me. Het clubhuis is gevestigd in het bedrijf van de president van de club, Valentin Mazurenko. Hij heeft een grote drukkerij. Ook Andrej, die geen Goldwing heeft maar wel altijd op de treffens aanwezig is, werkt er. Hij vindt het onbegrijpelijk dat de Nederlandse Goldwingclub geen clubhuis heeft. Het is een prachtig clubhuis, alle prijzen en bekers staan er opgesteld, er is een zithoek uit leer en heel attent hebben ze het Nederlandse Goldwingmagazine op tafel gelegd.

Midden Olga en rechts Andrej. Op de achtergrond 'De Wing',
het magazine van de Nederlandse Goldwingclub.

Olga adviseert me een ander hotel, Yunost. Ik mag een nacht in een luxe kamer met airco. Dan gaat de volgende dag de telefoon om half twaalf. Of ik de kamer vóór twaalf uur wil verlaten. Alles inpakken, bij de receptie neerzetten. De stad in om lekker koffie te drinken en om twee uur kan ik terug komen om te zien of er een andere kamer voor me is. Die is er, maar de dames moeten wel met z'n drieën een kwartier lang de computer raadplegen. Het is één verdieping lager, ook een luxe kamer, ook met airco, om precies te zijn is het net zo'n kamer als waar ik de nacht tevoor doorbracht. Waarom moet je dan verhuizen? Het ontgaat mij. Het circus herhaalt zich die week een paar maal. De dames van de receptie worden pas wat toeschietelijker als ik na de derde verhuizing met stemverheffing mijn ongenoegen kenbaar maak. De rest van de week lachen ze me vriendelijk toe als ik langs loop.

In de hal staan geldautomaten, van vier verschillende banken. Het gebeurt me regelmatig dat ik geen geld kan trekken. De automaat doet me dan het voorstel om met 20 hrv (ongeveer 2 euro) genoegen te nemen. Later hoor ik van Alex (zie even verderop) dat de financiële situatie van sommige banken soms nogal precair is. Alleen de Privatbank bedient me meestal op mijn wenken.

Als er een vierde uitzetting dreigt, besluit ik een ander hotel te zoeken. Ik vind een kamer in een hotel in een lommerrijke buurt. Trouwens veel straten in Odessa worden omzoomd door rijen en rijen bomen. Het centrum heeft wel wat weg van een park. In dit hotel slaap ik lekker in mijn luxe kamer met airco, tot de tweede dag om half twaalf de telefoon gaat...

Ik schrijf er een lied, beluister een fragment...

Er is geen alternatief, dus terug naar hotel Yunost, alwaar ik opnieuw enkele dagen deelneem aan het van-kamertje-wisselen-circus en elke keer een verdieping lager kom. Op het laatst heb ik zelfs een driekamer suite, echter nog niet gerenoveerd en dat kun je zien! Dan heb ik een afspraak met Alex en Caroline die ik bij mijn vorige bezoek heb leren kennen. We gaan gezellig samen uit eten in een restaurant in het centrum waar men een eigen bier brouwt. Caroline kent wel een beter hotel voor mij.


Hotel Odesssa, 350 euro per nacht! Ja, ja...
 


Hotel Valentina, 35 euro per nacht.
Nog van echte Sovjet kwaliteit...

De volgende dag verhuis ik naar hotel Valentina waar ik een luxe kamer krijg met airco en zelfs met zeezicht, voor een veel lager bedrag maar met airco die het geluid van een opstijgende Boeing 747 nabootst en ramen waar de weinige verf die er nog opzit, is opgezwollen tot ongekende proporties. Echter de volgende dag gaat wel de telefoon om half twaalf...

Ik doe weinig deze drie weken, lig vaak aan het strand, de temperatuur komt zelden beneden de 30 graden en één keer zie ik 42 staan op de temperatuurmeter op mijn motor. Ik zwem, drink biertjes in leuke tentjes, luister naar straatmuzikanten, wandel veel in deze stad die zeer de moeite waard is. Vooral in het centrum is veel gerestaureerd, bekijk hier een paar foto's. De boulevard is prachtig. De parken zijn prachtig. De opera indrukwekkend. Het stadsplein Gorsad aantrekkelijk. Iemand geeft me een mooie rondleiding en daarna weet ik al snel mijn eigen weg te vinden. Ik maak veel gebruik van taxi's. Een ritje van tien kilometer kost ongeveer 2 tot 3 euro dus dat is heel goed te doen. Ik leer een paar taxichauffeurs kennen en kan hen zonder tussenkomst van de centrale op hun privénummer bellen. Een ervan maakt ook muziek en stopt op de bestemming midden op straat om nog wat nummers te laten horen terwijl zich achter ons een file vormt. Een betrouwbare taxicentrale die je van tevoren vertelt hoeveel de rit kost, is:

Aleks 77-16-50 (of 8 (050) 390-32-55

De laatste avond in hotel Valentina raak ik aan de praat met Vitaly die bier importeert in Oekraïne. Hij is bij Grolsch geweest maar die eisten van hem dat hij eerst met het importeren van Tuborg moest stoppen: ik denk dat ze er nu spijt als haren op hun hoofd van hebben want Tuborg vind je in bijna elke tankstation. Hij vertelt me een heel grappig verhaal over de keer dat hij Heineken bezocht. In Amsterdam zocht hij nadien een taxi die hem naar Schiphol zou brengen. De rit (zo'n 10 kilometer) duurde en duurde en duurde en bleek uiteindelijk meer dan negentig euro te moeten kosten. Het deed mij onmiddellijk denken aan die taxichauffeur die mij honderd Hrivnia wilde laten betalen voor een ritje van dertig. De toerist wordt getild, bij ons maar daar net zo goed.


Datsja's in Zatoka. Aan zandwegen en mét beveiliging
bij de toegangsweg!

Ik maak ook nog een uitstapje van een paar dagen naar Zatoka, een badplaats ongeveer 80 kilometer ten zuiden van Odessa. Erg toeristisch maar de waterkwaliteit is er aanzienlijk beter dan in Odessa waar nog veel shit ronddrijft. Voor het eerst van mijn leven kom ik in een datsja-complex terecht. Er staan juweeltjes van architectuur tussen. Sommige huizen grenzen direct aan het strand. De luxe maakt dat er een hek om heen moet staan en dat de toegangsweg afgesloten is met een slagboom en twee bewakers. Ik logeer er bij Walery, die van de uitspraak bovenaan deze pagina.

Dag 29

Wat later dan oorspronkelijk gepland onderneem ik de terugtocht. Wederom via L'Viv omdat ik dan het treffen van de Oekraïense Goldwingclub nog kan meepakken. Ik red het vandaag tot Vinnitsa. Een mooie stad met een prachtig plein annex gedenkteken voor gevallenen in de Tweede Wereldoorlog. Er is een heel goed restaurantje (Fashion Café) en ik zit er heerlijk op deze warme, zwoele zomeravond voordat ik tegen betaling van minder dan twee eurotientjes het moede hoofd in het Savoy hotel te ruste leg.

Fashion café.

  Savoy hotel

Dag 30

De volgende dag rijd ik rustig tot Ternopil, een plaats waar ik eerder op hartverwarmende wijze werd opgevangen na een klein ongeval. Ik besluit motorclub West Force te bezoeken, een besluit dat de natuur met een hoosbui van een uur ondersteunt. Het moet kennelijk zo zijn!

Een telefoontje naar Youra, de huidige president, is voldoende. Een half uurtje later staat hij in de hal van het hotel. We gaan naar hun clubhuis. Het wordt een genoeglijke avond, er is een barbecue, er zijn twee gitaren en zo ongeveer de hele vijftien man sterke club komt opdraven.  Het clubhuis is op een complex met garageboxen gevestigd. Kom je in de buurt dan ben je altijd welkom om bij hen een nachtje te crashen.


Links Youra, de huidige president van West Force

Dag 31...38

Terug in L'Viv waar ik deze keer begeleid wordt door Miroslawa omdat Olga, die gsm-antennes voor telecombedrijven plaatst en als een volleerd alpinist in de hoogste masten en bovenop gebouwen en bergtoppen klautert, moet werken. Mira onderhoudt een website, geeft soms les als sportinstructrice, ze zat enkele jaren eerder in het Oekraïense nationale hardloopteam (100 meter in 12,1 seconde) en ze heeft de droom om ooit een bloemenwinkel te hebben. Talent heeft ze wel.

      

Het treffen wordt net als vorig jaar in Grand Resort aan de rondweg om L'Viv gehouden. Het is een luxe vakantieoord met hotelaccommodatie, vakantiehuisjes, een restaurant, een natuurlijke vijver en bos.

Ik ben er eerder dan de Oekraïnse club en daarom krijg ik deelnemersnummer 1 uitgereikt.
Heel bijzonder omdat dit nummer traditioneel voor de president gereserveerd is. Het is goed georganiseerd hoewel sommige bezoekers daar heel anders over denken. Als je echter in aanmerking neemt dat de club slechts 25 leden telt en Valentin alles vooraf uit eigen zak bekostigt, maar moet afwachten hoeveel bezoekers zullen komen en pas achteraf weet of er quitte gespeeld wordt, vind ik het toch niet onaardig.

Helaas doet men niet veel aan uitstapjes per motor en laadt daarvoor in de plaats iedereen in een toeringcar, tja dat vind ik hoewel begrijpelijk, gezien de kwaliteit van sommige wegen, toch ook wel een beetje decadent. En dat vertel ik dan ook als ik geïnterviewd wordt, eerst door de een lokaal TV-station en later door het landelijk netwerk uit Kiev dat een hele dag aanwezig is om een auto- en motorsportprogramma van een half uur te vullen met deze gebeurtenis. Op de website van de Goldwing Club of Ukraine is dit laatste programma te vinden. Ze hebben me voorzien van de eretitel Dzjery Weltbummler.


Wat ik er uitgekraamd heb, kan ik vanwege de Oekraïense voice-over niet meer achterhalen.

Met Mira bezoek ik een antieke apotheek in de binnenstad die door de Jezuïten is gebouwd. Ook maken we een mooie tocht naar Zhovkva, een stadje dat op de wereld erfgoederenlijst van Unesco staat. Er was voor de tweede wereldoorlog een Joodse gemeenschap. Men is nu net begonnen aan de restauratie van de synagoge.


Zamek Zhovkva.

Een dag later maak ik met bikers uit Polen en Belarus een trip richting de Karpaten. De weg naar Uzhgorod is werkelijk prachtig en het is een aangename tocht.


Mooi dat je zomaar met een stel volslagen vreemden waar je nauwelijks mee kan praten,
zomaar een toertje kan maken, een van de geneugten van de biker-gemeenschap!

Dag 39

Met Tomas, een Duitser die op een GL 1200 rijdt, vang ik de terugweg aan. Hij had al gezegd dat hij heel langzaam rijdt en daar is geen woord van gelogen. Hij doet 60 km. per uur, ook op de snelweg en ook als een levensgrote vrachtwagencombinatie hem begint op te drukken zodat hij in mijn achteruitkijkspiegel er al bijna als een geplette vlieg uitziet, moet ik hem er toch even op aanspreken. Na een indringend gesprek besluiten we te scheiden. Ik wordt ingehaald door een groep Italianen en sluit me bij hen aan. Dat is nu net weer het andere uiterste.


Volgens de routeplanner moet en zal ik door Moldavië, maar dat ik heb ik maar niet gedaan.

Als we bij de grens staan te wachten en te wachten en te wachten en te wachten, zodat Tomas zich met een triomfantelijke grijns weer kan aansluiten, kom ik er achter waarom. Een van de heren vind mij kennelijk te sloom en komt ook al met pillen aan. De Italianen blijken massaal aan de testosteronpillen te zijn. Dan kun je wat sneller...

Ik rijd in Polen verkeerd, vind de juiste weg weer terug. Ga tanken en daar staat alweer Tomas te grijnzen. We sluiten een weddenschap. Degenen die het laatst in Wrocław is betaalt een biertje.

Genietend en zingend van geluk rijdt ik vierhonderd kilometer over de gele weggetjes over het Poolse platteland. Ik schrijf er zelfs een gedicht over. Overnacht ergens in de buurt van Kielce.

Dag 40...42

's Middags om vier uur arriveer ik in Wrocław op het terrein waar de Poolse Goldwing club het treffen organiseert. En waar ik al opgewacht wordt door... Tomas. Dat biertje ben ik kwijt. Hij zat gisteren met 60 km per uur dertien uur op zijn fiets terwijl ik er na acht uur met 80 tot 90 per uur de brui aan had gegeven. Tja, hoe is dat spreekwoord ook al weer? Vele laatsten zullen de eersten zijn... Hij vertelt me nu eindelijk waarom hij zo 'op zeker' rijdt, een gruwelijk verhaal!

Wrocław is mooie stad, geheel gerestaureerd, met nog veel kenmerkende Duitse trekken. Ooit heette het immers Breslau. Ik bekijk het centrum met een paar Polen, de Sergio, de Italiaanse voorzitter van de GWEF en met een vriendelijke Vlaming. Waarlijk een internationaal gezelschap dat heel gemoedelijk achter elkaar aan sjokt.

's Avonds spreek mijn vriend Marcin uit Gdynia en zijn vriendin Zuza. Ze hebben voor de week erop naar het Russische treffen te gaan. Het is in Tymen, achter de Oeral, hij zal vijf dagen ongeveer 1000 km. per dag moeten rijden om er op tijd te zijn! Inmiddels weet ik dat hij het gehaald heeft en ook weer veilig thuis is gekomen. Voor volgend jaar heeft hij Wladiwostok op het programma staan...

Slapen doe ik in Spartak, het studentenhotel op het sportcomplex waar het treffen gehouden wordt. Ik ontbijt elke ochtend uit de heerlijkheden die ik in mijn topkoffer aantref en dat is heel genoeglijk in het ochtendzonnetje.

Dag 43

Het is tijd richting Nederland te gaan. Ik vertrek vroeg en ben 's avonds in de buurt van Bielefeld waar ik mijn goede vriend Ulli bezoek. We halen herinneringen op aan onze trip die we samen in 2005 naar Odessa maakten.

Dag 44

De  volgende dag ga ik in Enschede mijn oudste zoon opzoeken, ik eet er een hapje mee en 's avonds ben ik weer veilig thuis.